Hoe doet Zuiderlicht het?

Onze stagiairs Ptolemy Moloney (London College Of Communication) en Katrien van Rangelrooy (Maastricht University) deden onderzoek naar ‘visuele stopping power’. De resultaten van hun theoretische onderzoek beschreven ze in de twee voorgaande blogs: 'Is less really more?' en 'De perfecte productposter'. Hieronder lees je hun praktische bevindingen.


Met onze ‘boekenexpertise’ in het achterhoofd namen we posters van Zuiderlicht onder de loep. We bekeken hoe de richtlijnen uit het onderzoek terugkomen. We doken in het archief kozen vier posters uit:

Conservatorium Maastricht - Jazz Night


Wat ons meteen opviel, is het formaat van het beeldelement in deze poster. Deze is full size, waardoor de afbeelding meteen je aandacht trekt. Een realistische afbeelding, zoals deze brullende kat, doet het volgens onderzoek beter dan een illustratie of een cartoon. Het vleeskleurige van de mond van de kat vormt daarnaast een mooi kleurcontrast met de gele tekst die de datum aangeeft. Aangezien deze praktische informatie van groot belang is, is het gunstig dat de gele kleur er goed uitspringt. Het lettertype is helder en vormt een contrast met de zwarte achtergrond. Er is gekozen voor een minimale hoeveelheid informatie op de poster, waardoor het geheel helder en overzichtelijk blijft. Een poster ‘lees’ je van nature van linksboven naar rechtsonder. Wanneer het logo, de datum en de koptekst in de linkerbovenhoek waren geplaatst, zouden deze belangrijke elementen als eerste ‘geabsorbeerd’ worden. Nu is er een kans dat de afbeelding afleidt van de over te brengen boodschap.

Zuyd Hogeschool - Open dagen


Een strakke poster, laag in complexiteit (zowel feature als design), een duidelijke, grote headline linksboven in de hoek en heldere kleuren. Op de lay-out is niks aan te merken. Het oog wordt op een natuurlijke manier van linksboven naar rechtsonder geleid, waardoor het uitkomt bij het logo van Zuyd Hogeschool. In termen van ‘stopping power’ mist de poster wel de nodige designcomplexiteit, die het geheel aantrekkelijk moet maken om naar te (blijven) kijken. Daar tegenover staat wel dat de gekleurde vlakken goed opvallen.

Maastricht University - Bachelor's Open Day


Een poster scoort veel positieve punten op ‘stopping power’ wanneer hij een opvallende kleurencombinatie bevat. Het sterke kleurcontrast in deze poster - het oranje en blauw – voldoet hieraan. Bovendien heeft deze uiting een groot en opvallend beeldelement, een heldere kop, en staat het logo van Maastricht University op de meest gunstige plaats (linksboven). Plus een hoge designcomplexheid dankzij de verschillende vormen die de poster bevat. Interessant om naar te kijken. Er kan gesteld worden dat de feature complexiteit vrij laag is door de grote kleurvlakken met scherpe afbakening. De verhouding tussen de complexiteiten is dus zeer goed te noemen.


De enige kritische vraag die we bij deze poster kunnen stellen is: is het niet té interessant? Het beeldelement moet de informatie niet overschaduwen. In de korte tijd waarin de voorbijganger naar een poster kijkt, moet alle informatie opgenomen worden. Nu is het zo dat bij deze poster de kop en de datum zeer goed in beeld zijn, waardoor ze goed opvallen naast de afbeelding.

Maastricht Toneelstad Festival


Twee belangrijke elementen van deze poster zijn de opvallende gele banner en het interessante zwart-wit contrast van het beeldelement. De zwarte, menselijke figuur komt zeer goed naar voren door zowel het kleur- als het scherptecontrast en vangt hiermee je eerste blik. Meteen daarna wordt het oog gedwongen te kijken naar het opvallende gele stuk, waar de datum staat.

Deze poster een perfect voorbeeld van een Low feature complex en High design complex (zie blog 1 van deze serie) geslaagde poster. Het geheel is beperkt in variatie en detail van kleur en vorm, maar voldoet aan de principes van een hoge designcomplexiteit. Zo heeft het verschillende beeldelementen, die op een opvallende manier gerangschikt zijn. Ook heeft het hoofdfiguur een interessante vorm voor het oog. Over het algemeen is de poster visueel aantrekkelijk en helder in zijn inhoud.

Het logo is een van de belangrijkste elementen voor het overdragen van informatie, dus is het belangrijk dat deze krachtig naar voren komt in een poster. Doordat de kleur van het logo van Maastrichts Toneelstadfestival homogeen is met die van de achtergrond en bovendien overlapt wordt door een opvallende gele banner, valt het logo bij deze poster wat in het niet.

And the winner is...


Met een lachend gezicht komt de Maastricht University-poster als winnaar uit de test: de lay-out heeft de juiste diagonaal, de tekst is helder en kort, hij heeft een sprankelend kleurcontrast en de juiste complexiteitsbalans.



Naschrift


Eigenlijk wilden we de kennis uit ons literatuuronderzoek in de praktijk toetsen. Daarom zijn we posters gaan herontwerpen en hielden we ons strikt aan verschillende ‘regels’ uit het onderzoek: sterk kleurcontrast, hoge of lage complexiteit, een grote afbeelding en een duidelijke headline. Met deze posters zijn we de straat op gegaan om te testen in hoeverre ze in staat zijn de blik van een voorbijganger te kunnen vangen. Dit wilden we doen door middel van ondervragingen. Helaas viel de respons erg tegen, waardoor we geen duidelijke conclusie konden trekken uit dit onderzoek.


Vervolgens dachten we na over andere methodes om te testen of een poster ‘stopping power’ heeft en effectief is. In het vervolg is het goed om de participanten van tevoren in te laten stemmen om deel te nemen aan het onderzoek. Daarbij is het wel belangrijk dat ze dan niet weten wat het doel van het onderzoek is, zodat de resultaten niet beïnvloed worden.


Methode 1

We laten de participant gedurende korte tijd verschillende combinaties van posters zien, geprojecteerd op een beeldscherm. De posters worden dan zorgvuldig geselecteerd naar verschillende maatstaven. Bijvoorbeeld kleurcontrast versus één kleur. Na het tonen van de posters geeft de persoon aan welke poster het meest opviel.


Methode 2

De posters worden digitaal gemonteerd in een straatbeeld. Op dezelfde manier als methode 1 worden de verschillende posters in verschillende straatbeelden getoond. De test wordt ingepakt als een ‘geheugentest’. Er wordt gevraagd naar verschillende objecten die er gezien zijn, waaronder de poster. Valt de poster op in zijn omgeving?


Methode 3

‘Flash poster’: de posters worden één voor één voor een enkele seconde getoond (gebaseerd op de werkelijke tijd die een voorbijganger naar een poster kijkt). Na elke poster wordt gevraagd naar details zoals de website, de organisatie en de datum, om te testen hoe goed de informatie van de poster wordt opgenomen door de kijker.


Een combinatie van deze verschillende methodes kan een beeld schetsen van de mate waarin een poster aan zijn verwachtingen voldoet.

Krista Lahaye schreef deze blog op 07.06.2016.
De blog valt in de categorie Design
pijltje boven