Goud

We gaven goud aan de pasgeboren zoon van God. Goud zijn ook onze trouwringen. En goud zijn de Palmen, Kalveren, Leeuwen, Uilen, Griffels, Loekies en Effies voor uitzonderlijke films, boeken, ja zelfs reclames. Goud is ons symbool voor alles wat bijzondere waarde heeft. Goud is pure kwaliteit: de trapleuningen op het jacht van de Prince de Lignac waren van goud zodat zijn Filipijnse matroosjes deze niet hoefden te poetsen en zich volledig aan hun heer konden wijden. We gebruiken goud ook overdrachtelijk. Sommige mensen hebben een gouden hart, andere juist gouden handjes. Handdrukken kunnen van goud zijn, net als jubilea. Goede ideeën worden soms een goudmijn. Goud inspireert ook. Ik luister nog geregeld naar golden oldies als ‘Golden Brown’, ‘Golden Years’ en ‘Fools Gold’.

Schaatser

Dat alles maakt goud enorm begeerlijk. Mensen gaan ervoor tot het uiterste en zwepen zichzelf op tot ongekende hoogten. Het pak van schaatser Eric Heiden is daar een mooi voorbeeld van. Tijdens de Olympische Spelen van 1980 kwam hij bij al zijn vijf races aan de start in een gouden skin suit. Wat een lef! Hoger kon hij de lat niet leggen: met zilver zou hij falen. Maar Heiden won alle afstanden. (Heel anders verging het bokser Arnold “Ik ga voor goud” Vanderlyde. Hij was de eerste donkere BN’er met een Limburgs accent maar ook onze eerste landgenoot die driemaal achter elkaar Olympisch brons won). Goud is soms zelfs zó begeerlijk dat het ons op het foute pad brengt. Zonder oliegoud geen huwelijk van een stokoude geilneef met playmate Anna Nicole Smith, zonder Olympisch goud geen dopinglegende Ben Johnson en zonder goudrovers geen Fort Knox.

 

Goud verbindt klasse met eeuwigheid. Precies wat veel bedrijven willen uitstralen. Je zou dan ook verwachten dat goud een grote rol speelt in corporate design en branding. In de Verenigde Staten deinst men niet terug voor een flinke scheut edelmetaal (McDonald’s noemt zijn logo zelfs de Golden Arches). In Nederland zijn we spaarzaam met goud: niet alles mag blinken. We komen het dus wel tegen in exclusief drukwerk, op verpakkingen van luxe artikelen en in het aap-eet-banaan logo van Golden Tulip. Maar we zien geen goud in de merkidentiteit van onze grote bedrijven.

gouden logo's

Vinden wij goud te duur, teveel winnaarsbravoure, te patserig, te katholiek? Of is communicatiegoud in onze ogen klatergoud? “Al draagt een aap een gouden ring, het is en blijft een lelijk ding.”

 

Bij gelegenheid van de 50e Zijlijn.

Martijn Kagenaar schreef deze blog op 07.12.2010.
De blog valt in de categorieën Branding, Cultuur en Design en gaat over Design, logo, goud, Olympische Spelen, prijzenfestival en winst.
pijltje boven